Bankbestuur: wie stuurt de bank en hoe werkt dat?

Bankbestuur gaat over de manier waarop een bank wordt geleid en gecontroleerd. Het klinkt misschien als iets voor ingewijden, maar het raakt iedereen die een bankrekening heeft. De beslissingen die een bankbestuur neemt, bepalen hoe veilig jouw geld is, wat je betaalt voor een lening en of de bank eerlijk handelt. Toch weten maar weinig mensen precies hoe zo’n bestuur werkt en wie er toezicht op houdt. Dat verdient een heldere uitleg.

De opbouw van een bankbestuur

Een bank heeft meestal twee lagen van bestuur. De eerste laag is de raad van bestuur, ook wel het directieteam genoemd. Dit zijn de mensen die de dagelijkse leiding hebben. Zij nemen beslissingen over leningen, investeringen en het beleid van de bank. De tweede laag is de raad van commissarissen. Die groep houdt toezicht op de raad van bestuur en controleert of alles volgens de regels gaat. De commissarissen zijn geen deel van de dagelijkse gang van zaken, maar zij mogen wél ingrijpen als iets niet klopt. Dit systeem heet het two-tier model en is in Nederland heel gebruikelijk. Het zorgt voor een evenwicht tussen besturen en controleren, zodat niemand te veel macht heeft zonder dat iemand anders meekijkt.

Toezicht van buitenaf op banken

Naast intern toezicht is er ook controle van buiten de bank. In Nederland houdt De Nederlandsche Bank, afgekort DNB, toezicht op de soliditeit van banken. Dat betekent dat DNB nagaat of een bank genoeg geld in reserve heeft en of zij haar verplichtingen kan nakomen. Daarnaast is er de Autoriteit Financiële Markten, de AFM, die controleert of banken eerlijk omgaan met hun klanten. Op Europees niveau speelt de Europese Centrale Bank ook een rol bij het toezicht op grote banken. Al deze instanties samen vormen een netwerk van controle. Dat is geen overbodige luxe: de financiële crisis van 2008 liet zien wat er kan misgaan als banken te weinig worden gecontroleerd en te grote risico’s nemen.

Eisen aan mensen in een bankbestuur

Niet iedereen mag zomaar in het bestuur van een bank zitten. DNB en de AFM toetsen bestuurders en commissarissen op twee dingen: geschiktheid en betrouwbaarheid. Geschiktheid gaat over kennis en ervaring. Iemand in een bankbestuur moet begrijpen hoe financiële markten werken, wat risicobeheer inhoudt en hoe je een grote organisatie aanstuurt. Betrouwbaarheid gaat over karakter en gedrag. Heeft iemand eerder de fout ingegaan? Is er sprake geweest van fraude of wanbeheer? Die zaken tellen zwaar mee. Sinds de financiële crisis zijn deze eisen strenger geworden. Banken moeten nu ook letten op diversiteit in hun besturen, zowel in kennis als in achtergrond. Een bestuur dat te eenzijdig is samengesteld, ziet risico’s makkelijker over het hoofd.

Beloningen en verantwoording in de bankwereld

Een gevoelig onderwerp binnen de besturing van banken is de beloning van bestuurders. Na de crisis van 2008 kwamen er in Europa strenge regels voor bonussen bij banken. In Nederland mag een bonus bij een bank niet hoger zijn dan twintig procent van het vaste salaris. Dat is veel lager dan in veel andere landen. De gedachte daarachter is dat hoge bonussen bestuurders kunnen aanmoedigen om te veel risico te nemen, omdat zij zo meer kunnen verdienen. Naast beloning speelt ook verantwoording een grote rol. Bankbestuurders moeten jaarlijks verantwoording afleggen aan aandeelhouders tijdens een algemene vergadering. Zij leggen uit welke keuzes zijn gemaakt en waarom. Klanten, investeerders en toezichthouders kunnen dan hun vragen stellen en oordelen geven. Die openheid is een belangrijk onderdeel van goed bestuur.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen de raad van bestuur en de raad van commissarissen bij een bank?
De raad van bestuur leidt de bank dagelijks en neemt beslissingen over beleid en strategie. De raad van commissarissen houdt toezicht op die beslissingen en controleert of het bestuur zijn werk goed doet. De twee raden staan los van elkaar, zodat er altijd een onafhankelijke blik is op wat er gebeurt.

Wie bepaalt of iemand geschikt is voor een bankbestuur?
In Nederland beoordelen De Nederlandsche Bank en de Autoriteit Financiële Markten of iemand geschikt en betrouwbaar genoeg is om in een bankbestuur te zitten. Zij kijken naar kennis, ervaring en gedrag uit het verleden. Zonder goedkeuring van deze toezichthouders mag iemand die functie niet uitoefenen.

Waarom zijn de bonusregels bij banken in Nederland zo streng?
De bonusregels bij Nederlandse banken zijn aangescherpt na de financiële crisis van 2008. Hoge bonussen bleken bestuurders aan te zetten tot het nemen van grote risico’s. Door bonussen te beperken tot twintig procent van het vaste salaris wil de wetgever voorkomen dat persoonlijk financieel gewin ten koste gaat van de stabiliteit van de bank en de veiligheid van klantgeld.

Wat doet De Nederlandsche Bank precies als toezichthouder?
De Nederlandsche Bank controleert of banken financieel gezond zijn. Dat houdt in dat DNB nagaat of een bank genoeg eigen vermogen heeft, of de risico’s beheersbaar zijn en of de bank haar verplichtingen aan klanten en investeerders kan nakomen. Als DNB problemen ziet, kan zij ingrijpen en maatregelen opleggen.